Vakantie

We zijn weer aan vakantie toe,
Dat kunnen we wel zeggen.
Zo uitgeblust en ook zo moe,
Het is niet uit te leggen.

Dan even een paar weken rust,
Om weer wat bij te tanken.
En kiezen we dan heel bewust,
Aan niets te hoeven denken.

De caravan is al gereed,
Daarover dan geen zorgen.
Werken ons nog een dag in ‘t zweet,
Daarna op weg naar morgen.

Na file hier en drukte daar,
Ter plekke aangekomen.
We hopen daar dan met elkaar,
Op rust te kunnen komen.

We moeten niets, maar doen erg veel,
Zijn elke dag versleten.
Vakantie is toch als geheel,
Een rusttijd moet je weten.

Als we vermoeid, maar wel voldaan,
Veel hebben ondernomen.
En ‘t geld weer op is huiswaarts gaan,
Zijn wij tot rust gekomen.

We moeten er weer tegenaan,
Een tijd van jachten, jagen.
We hebben alles, zijn voldaan,
Of moeten we toch klagen?

Zoek in het leven eens de rust,
Maar dan beslist van binnen.
Desnoods een stap terug… bewust,
Misschien opnieuw beginnen!

Theo van der Linden